Konijnengeneeskunde

Dit artikel is gepubliceerd in het Tijdschrift voor Diergeneeskunde van juni 2015.

Ongeveer 10 procent van de patiënten bij Sterkliniek Dierenartsen Nijmegen bestaat uit konijnen en dierenarts Rutger Reurings ziet dit aandeel gestaag oplopen. “Het konijn neemt in populariteit toe, vooral onder tweeverdieners. Daarnaast wordt het konijn als huisdier ‘serieuzer’ genomen en zijn mensen eerder bereid naar de dierenarts te gaan.”

CVN-150515-0016
Met weinig middelen en gedegen advies kan Rutger Reurings bij konijnen veel bereiken. Foto: Colijn van Noort

Op het gebied van kennis over konijnen valt volgens Rutger nog veel winst te behalen, zowel voor eigenaren als voor dierenartsen. “Goede educatie kan bijdragen aan een verbetering van diergezondheid en dierenwelzijn. Eigenaren weten vaak niet wat een konijn nodig heeft en de voorlichting die de verkoper geeft, is vaak beperkt. Veel mensen realiseren zich bijvoorbeeld niet dat konijnen groepsdieren zijn, die eigenlijk minimaal met zijn tweeën moeten worden gehuisvest. Daarnaast zijn het vluchtdieren; die reageren anders op stress en ziekte.”

Voeding

Konijnen hebben een ander verteringsstelsel dan bijvoorbeeld een hond of kat. Veel voorkomende aandoeningen bij konijnen zoals gebitsproblemen, maagdarmproblemen en blaasproblemen zijn voedinggerelateerd. “Eigenaren hebben soms geen idee wat hun konijn wel en niet mag eten”, vertelt Rutger. “Ze weten bijvoorbeeld niet dat je bepaalde groenten niet mag geven. Of dat knaagstenen blaasgruis kunnen veroorzaken.” Met een goed voedingsadvies zijn veel klachten volgens hem te voorkomen. “Wij adviseren het konijn onbeperkt hooi, geschikt groenvoer, niet te veel biks (ongeveer 20 gram/kg lichaamsgewicht) en niet te veel zoetigheid te voeren.” Ook via de website, nieuwsbrieven en folders voorziet de praktijk eigenaren van informatie over de verzorging van konijnen.

Gebit

Konijnen kampen regelmatig met gebitsproblemen, zoals olifantstanden. Rutger: “Te lange snijtanden knippen we nooit. Er is risico op afbreken, het is pijnlijk en de scherpe randen kunnen de bek beschadigen. Daarnaast neemt het de onderliggende oorzaak niet weg en kan het leiden tot abcesvorming. In mijn ervaring gaat trekken vrijwel altijd goed en blijven de dieren klachtenvrij.” Door gebitsproblemen kunnen abcessen ontstaan. “Meestal kiezen wij ervoor het abces chirurgisch te verwijderen omdat dit de minste kans op recidief geeft. Als alternatief leggen we het abces open en hechten de huid aan de wand om de wond te draineren. Daarna behandelen we met honingzalf en in sommige gevallen met antibiotica.” Er zijn geen antibiotica geregistreerd voor konijnen. “Veel antibiotica kunnen dysbacteriose veroorzaken of we weten niet de werking ervan bij het konijn. TMPS wordt regelmatig gebruikt maar dringt slecht door in het abces en is daarom ongeschikt. Wij kiezen voor behandeling met Duplociline-injecties.”

Anesthesie

Anesthesie bij het konijn wordt vaak als extra risicovol beschouwd. Onterecht, denkt Rutger. “Er is natuurlijk altijd een risico, maar de kans dat een gezond konijn tijdens de anesthesie overlijdt, is erg klein.” De konijnen worden verdoofd met een combinatie van Medetomidine en Ketamine via de oorvene. “Het voordeel van IV-narcose is dat het makkelijk en nauwkeurig is te doseren en antagoneren. Voor uitgebreidere ingrepen gebruiken we aanvullend gasanesthesie met isofluraan.” Tijdens de operatie moet de temperatuur worden gereguleerd zodat de dieren niet teveel afkoelen. “Omdat de lichaamstemperatuur bij konijnen nogal uiteenloopt, worden de dieren standaard vooraf getemperatuurd. Tijdens de operatie wordt de temperatuur op peil gehouden met een warmtematje.” Daarnaast is goede oxygenatie belangrijk. “Konijnen zijn vrij lastig te intuberen en wij gebruiken daarom een V-gel larynxmasker. Het voordeel ten opzichte van een beademingskapje is dat je minder lekkage en dode ruimte hebt.” Pijnbestrijding tijdens en na de operatie is essentieel, ook om te voorkomen dat het konijn stopt met eten. “Voorafgaande aan de operatie geven we Meloxicam en bij pijnlijkere ingrepen ook Buprenorphine.” Onderzoek heeft uitgewezen dat wanneer konijnen door een ingreep overlijden, dit vooral tijdens de recovery gebeurt. Rutger: “Om de recovery snel te laten verlopen wordt het konijn direct geantagoneerd en vervolgens in de couveuse geplaatst.” Het is belangrijk dat het konijn binnen een dag weer eet om paralytische ileus te voorkomen. “We opereren ‘s ochtends zodat we het dier de rest van de dag in de gaten kunnen houden. Als het konijn niet uit zichzelf eet wordt het onder dwang gevoerd. Hiervoor kan babyvoeding ‘eerste wortelhapje’ worden gebruikt of een dwangvoeder als Supreme Recovery of Critical Care. Verder geven we standaard pijnstilling mee na een OK.”

Kosten-baten

Kosten zijn soms helaas een heikel punt volgens Rutger: “Een sterilisatie kat is bij ons goedkoper dan een castratie voedster. Dit is lastig te verkopen en stuit nog wel eens op onbegrip. Er moet telkens een afweging worden gemaakt. Momenteel hebben we intern overleg over het geven van een glucose-infuus tijdens operaties. Nu doen wij dit nog niet standaard, vanwege het kostenplaatje.” Rutger ziet een duidelijke tweedeling: “Aan de ene kant heb je eigenaren die alles voor hun dier over hebben en aan de andere kant mensen die liever voor 10 euro een nieuw konijn halen.” Rutger vind het vooral erg leuk en interessant om met konijnen te werken. “Konijnen zijn dankbare patiënten, waar je met weinig middelen en gedegen advies veel kan bereiken.”

Tessa

Wetenschapsjournalist en fotograaf. Maar ook: dierenarts, reislustig, natuurliefhebber, boekenwurm, steenbok en berggeit. Het liefst schrijf ik over biologie en (dier)geneeskundige onderwerpen, maar ik verdiep me ook graag in andere vakgebieden.